23-03-2022
We staan er misschien niet zo bij stil in deze roerige tijden, maar komende zondag is het alweer halfvasten. Ik heb daarom deze week gekozen voor een sacraal werk, de Berliner Messe van de Estse componist Arvo Pärt (1935). Pärt schreef dit werk in 1990, ter gelegenheid van de Katholieke Dagen in Berlijn, de eerste na de val van De Muur. Oorspronkelijk was het werk geschreven voor zangsolisten en orgel. Een tweede versie voor zangsolisten, koor en strijkorkest, werd in 1991 voor het eerst uitgevoerd in Erlangen. Het werk kent de delen die gewoonlijk in een mis te vinden zijn (Kyrie, Gloria, Credo, Sanctus, Agnus Dei), maar het werk kent ook een paar keuzedelen die tijdens specifieke kerkelijke feestdagen kunnen worden uitgevoerd. Tussen het Gloria en het Credo zijn er twee Hallelujah-gedeelten voor Kerstmis en nog twee voor Pinksteren, alsmede de Pinkster-sequens Veni Sancte Spiritus.
Bijna vanzelfsprekend volgt de structuur van dit werk zijn eigen gecreëerde tintinnabuli stijl. En evenals bij zijn andere werken raad ik ook hier aan je bestek weer even neer te leggen, het eten op een warmhoudplaatje te zetten, je ogen te sluiten en je helemaal over te geven aan de muziek. Waarschijnlijk zullen je gedachten dan stoppen en ben je helemaal relaxed aan het einde van het werk.
Ik heb gekozen voor de tweede versie van dit werk. Het wordt uitgevoerd door de Moscow Virtuosi en het Academy of Choral Art Choir o.l.v. Vladimir Spivakov.