03-06-2020
Deze week heb ik weer een pianoconcert gekozen, ditmaal van de Russische componist Serge Rachmaninoff (1873-1943). Zijn 3e pianoconcert wordt beschouwd als één van de moeilijker uit te voeren concerten in de muziekliteratuur. Veel, heel veel nootjes, zeer snelle passages en moeilijk te vatten grepen. 1,5 jaar geleden heb ik jullie kennis laten maken met zijn 2e pianoconcert (je weet wel, die waarvan het 2e deel de inspiratie vormde voor het one hit wonder All by myself van Eric Carmen). Toen vertelde ik al dat Rachmaninoff enorm grote handen heeft en dat dat in zijn werken heeft geleid tot, voor pianisten met normale handen, bijna onmogelijke grepen.
Het werk bestaat uit drie delen (snel-langzaam-snel). Het thema wordt in het eerste deel direct neergezet door de solist en klinkt bedrieglijk eenvoudig. Maar dat is snel afgelopen als vervolgens het orkest het thema overneemt en in constante dialoog met de piano door het eerste deel dendert, een tweede thema neerzettend en dit doorwerkt tot de finale van het eerste deel. In het tweede deel wordt een rustig thema door orkest en piano gespeeld en komt het thema uit het eerste deel weer even terug. En de thema’s uit het eerste deel komen in een snel derde deel weer terug, waarmee de cirkel is gesloten.
Het werk werd in 1909 voor het eerst uitgevoerd in New York, met Rachmaninoff als solist. Hij beschouwde dit werk als zijn favoriete pianoconcert.
Het werk vervulde een sleutelrol in de film Shine uit 1996. Die film vertelt het verhaal van de Australische pianist David Helfgott, die de diagnose schizoaffectieve stoornis kreeg. In de film hoorde hij als jongen dit concert op de radio en werd hij geobsedeerd door het werk als in dat hij dat ooit als solist wilde uitvoeren. Tijdens de uitvoering in de film stort hij in elkaar. De film is een aanrader.
Ik heb gekozen voor een uitvoering met de solist Alexis Weissenberg, begeleid door het Chicago Symphony Orchestra o.l.v. Georges Prêtre.
Het genoemde fragment uit de film is ook toegevoegd.