Edward Elgar. Celloconcert in e, op. 85

15-07-2020

De Britse componist Sir Edward William Elgar (1857-1934) was zo gedeprimeerd door de verschrikkingen van de 1e Wereldoorlog dat hij in die periode niet kon componeren. Aan het einde van die periode noteerde hij wel een idee voor een muzikaal thema. Dat thema verwerkte hij in 1919 in zijn laatste grootschalige werk, zijn concert voor cello en orkest. Daarmee loste hij ook een belofte in die hij al in 1900 had gemaakt. De première van het werk was dramatisch doordat er te weinig tijd voor repetities was voor hem en het orkest.

Waar soloconcerten veelal beginnen met een introductie door het orkest, opent dit concert met een lange solo door de cellist, met af en toe wat begeleiding door het orkest. Die solo is het thema dat Elgar in de oorlog had genoteerd. De sfeer is beklemmend, de gruwelen van de oorlog kun je bijna beleven in die muziek. Het werk telt vier delen. Hoewel sommige delen wat meer vrolijkheid uitstralen blijft bij mij de beklemmende sfeer overwegen tijdens en ook na de uitvoering van het werk.

Sinds 1965 is dit werk bijna vanzelf verbonden met de celliste Jacqueline du Pré. Zij speelde dit werk toen voor EMI met het London Symphony Orchestra o.l.v. John Barbirolli. De wereldberoemde cellist Mstislav Rostropovich hoorde die opname en heeft het werk toen uit zijn eigen repertoire geschrapt omdat “Mijn leerling, Jacqueline du Pré, speelde het veel beter dan ik”. Deze uitvoering heb ik gekozen. Op die lp staan daarna als toetje de Sea Pictures, 5 liederen van Elgar, gezongen door Janet Baker, begeleid door hetzelfde orkest en dirigent.