Gisteren was ik, ter gelegenheid van het afscheid van een oud-collega, uitgenodigd bij een BBQ aan de TUE, bij de vakgroep Information Systems van de faculteit Industrial Engineering & Innovation Sciences (in “mijn tijd” de vakgroep Information Technology bij de faculteit Technische Bedrijfskunde). Om eens te kijken wie er daar nog rondliep uit de periode dat ik er werkte bezocht ik hun webpagina. Daar viel mijn oog op de volgende passage uit een Engelstalige vacaturetekst voor een UD: “Candidates have an excellent mastering of the English language in writing and speaking; mastering of the Dutch language is a pro but not a strict requirement.”. Hoewel ik begrijp dat in de wetenschap Engels de lingua franca is, vond ik met name de laatste toevoeging toch wel erg ver gaan. Aan de TUE studeren in de Bachelorfase vooral Nederlanders en de UD zou ook daar colleges moeten verzorgen.
Navraag leerde me echter dat de achterliggende reden eenvoudig was. De vacature bestaat al enige tijd en er zijn geen Nederlandstaligen te vinden die in voldoende mate aan het profiel voldoen. Of zoals de vakgroepsvoorzitter het formuleerde: “Als we de keuze hebben tussen een goede Nederlander en een wat betere buitenlander die het Nederlands niet beheerst, kiezen we de eerste”.
Iets om over na te denken. Binnen onze OU zijn de meeste cursussen Nederlandstalig en de evaluaties bij OpenER leerden dat cursussen in een andere taal als een drempel worden ervaren. Zouden onze faculteiten, wanneer ze geen geschikte Nederlandstalige kandidaten kunnen vinden, dan toch een dergelijke passage in vacatureteksten moeten overwegen?
Taalkwestie
Posted in Open Educational Resources.