Erkenning van non-formeel leren in een MOOC


Op 6 juni publiceerde de Nederlands-Vlaamse Accreditatieorganisatie (NVAO) een verkenning naar MOOC’s en online HO. In deze verkenning formuleert de NVAO haar standpunt over het erkennen van non-formeel leren in een MOOC door een reguliere instelling voor hoger onderwijs. Ria Jacobi heeft hierover een blog geschreven. Toevallig was ik eerder die week aanwezig bij een expertworkshop over hetzelfde onderwerp, georganiseerd door het Joint Research Centre van het Institute for Prospective Technological Studies (IPTS) in Sevilla. Deze workshop was de eerste in een serie van vier over “strategies for openness in higher education”. Het doel van deze workshop was tweeledig:

  1. Verkennen van dimensies van openheid die later in een raamwerk voor openheid in HO gebruikt kunnen worden
  2. Verzamelen en bediscussiëren van huidige strategie en praktijk voor erkennen van leerprestaties via open education

In deze blog gaat het over het tweede doel. Het was jammer dat het NVAO-rapport er nog niet was omdat we dat dan in de discussies hadden kunnen meenemen.
In de workshop is verkend aan welke voorwaarden een MOOC zou moeten voldoen om een waarde te hebben voor de arbeidsmarkt en zijn scenario’s bekeken voor erkenning van een MOOC in formeel hoger onderwijs. Bij dat laatste is scenario 1 die de NVAO schetst als uitgangspunt genomen (“Een student, voor een bachelor of master ingeschreven aan een universiteit of hogeschool in Nederland of Vlaanderen, dient bij die opleiding een verzoekschrift in van het type “vrijstelling” of “extern onderwijs” op basis van online onderwijs uit het aanbod van een andere instelling. Het verzoek kan ook beoordeling van EVC/EVK betreffen.”) en is met name de mogelijke waarde van ECTS in dat kader bekeken.
Voor erkenning van een MOOC werden drie zaken uiteindelijk van belang gevonden:

  1. Voldoende vertrouwen in de identificatie en authenticatie van de aanvrager bij het volgen van de MOOC
  2. De vorm van assessment
  3. Aanwezigheid van een adequate beschrijving van de MOOC in termen van leerdoelen, omvang, niveau et cetera.
Ten aanzien van punt 3 werd gewezen op de ECTS-guide. Deze guide bevat (p. 28) een aanbeveling voor een beschrijving van een te accrediteren/beoordelen cursus. Deze kan voor het grootste deel ook worden gebruikt voor beschrijving van een MOOC. De guide wordt momenteel gereviseerd. Bij die revisie zullen onder meer aanpassingen aan nieuwe ontwikkelingen worden doorgevoerd.
Het volgende flowdiagram geeft een overzicht van stappen bij het erkennen van een MOOC. De ID-check en check op aanwezigheid van een assessment is een administratieve kwestie; de overige activiteiten moet door de staf worden uitgevoerd.

Enkele uitspraken die daarnaast werden gemaakt tijdens de discussies:

  • Erkenning zou gebaat zijn met meer vertrouwen in elkaars kwaliteiten, zowel binnen als tussen instellingen
  • In hoeverre gaat vervanging van formele degrees door MOOC-gebaseerd leren en certificering als ingang naar de arbeidsmarkt plaatsvinden? En gaat dit plaatsvinden in alle kennisdomeinen of alleen in kennisdomeinen waar de vraag groter is dan het aanbod (zoals IT)? Een criterium hier is ook domeinen waar de autonomie en het curriculum van een kennisinstelling belangrijk is (zoals het medische domein) en domeinen waar betrokkenheid van andere partijen een winst kan opleveren (zoals IT waar aanbod van geschoolde IT-ers kleiner is dan de vraag). In dat laatste geval: in hoeverre vormt dit een bedreiging voor formele instellingen binnen Europa?

 

Posted in Open Educational Resources and tagged , .

11 Comments

  1. Pingback: Erkenning van non-formeel leren in een MOOC | O...

  2. Als verificatie van de ID 100% moet zijn, dan kun je praktisch geen online assessments afnemen. Of je moet al gaan werken met observaties via webcams. De vraag is of dat op grote schaal uitvoerbaar is. Worden er ook uitspraken gedaan over de aard van het assessment? Is bijvoorbeeld een portfoliobeoordeling mogelijk?

    • In de workshop is wat langer over ID-verificatie gepraat dan in het schema hierboven is weergegeven. Het ging daar met name om vertrouwen dat een instelling kan hebben in de wijze van verificatie. Er waren afgevaardigden van instellingen die alleen een on-site verificatie en toetsing zouden accepteren, omdat ze momenteel nog onvoldoende vertrouwen hebben in een online verificatie. In de aanpassing van de ECTS-guide wordt onder meer ook gewerkt aan “Linking desired learning outcomes and assessment procedures”. Dus mogelijk dat dat ook portfoliobeoordelingen zal omvatten. Zie http://www.ehea.info/Uploads/SubmitedFiles/3_2013/114331.pdf

  3. Pingback: Erkenning van non-formeel leren in een MOOC | T...

  4. Interessant,
    Het flow diagram van NVAO komt neer op een betrouwbare module beschrijving + proctored exam (alle summatieve testen afleggen onder tentamen condities). Je hebt dan waarschijnlijk een onafhankelijk test instituut zoals het Exin nodig.
    De OU heeft de infrastructuur om dit soort testen af te nemen, dus een mooi gat in de markt in om in te springen zou ik zeggen. Maak eens een business case waarin de OU 50 a 100 euro vraagt voor het afnemen van de testen.
    Binnen het HBO is voor erkenning – ECTS toekenning – nog een extra voorwaarde van kracht. De gevolgde module moet inhoudelijk binnen het programma van de opleiding passen (er zijn weinig vrije studiepunten, programma’s zijn sterk verweven met specifieke toestanden binnen het werkveld). Dus zelfs als het NVAO het goed vindt, dan is de kans toch nog groot dat de opleidingsexamen commissie de vraag om ECTS erkenning afwijst omdat de inhoud niet voldoende bij de opleiding past.

    • Dag Wilko,
      Het hier gegeven flowdiagram is bij de workshop in Sevilla opgesteld op basis van practices die bij de aanwezigen gebruikt worden. Niet zo opmerkelijk dat het overeen lijkt te stemmen met die van het NVAO, want ik vind het een tamelijk logische flow van activiteiten. Wat ook wel bleek is dat er grote verschillen lijken te bestaan tussen wat in verschillende landen mogelijk is. Zo laat Spanje bv. maximaal 15% van dergelijke keuzes toe en mogen die keuzes vooralsnog niet uit een open aanbod (lees: MOOC) komen. Het betreffende instituut was nu bezig met een procedure om hun eigen gegeven MOOC’s erkend te krijgen in hun eigen curriculum (!). ECTS heeft trouwens zoals ik het begrepen heb altijd het uitgangspunt gehuldigd dat het uiteindelijk de instelling is die bepaalt wat wel en wat niet erkend wordt. Aanwezigen zeiden daar trouwens wel over “Als jij een MOOC niet erkent doet wellicht een andere instelling dat wel”, daarmee een zekere concurrentiedruk implicerend. Of dat terecht is weet ik niet, maar ik kan me er wel iets bij voorstellen. In een ver verleden heb ik de keuze voor instelling als werkstudent mede laten bepalen door de hoeveelheid erkenning (lees: vrijstellingen) die ik toen kreeg van de instellingen waar ik in potentie interesse in had.
      Of je altijd iets als EXIN nodig hebt weet ik niet. Iversity bv. kent een aantal MOOC’s waarbij je de ECTS-certificaten pas krijgt als je met goed gevolg een on site examen bij de aanbiedende universiteit hebt afgelegd. Ik denk dat dat voor de meeste instellingen voor HO in Nederland toch wel voldoende zal zijn.

  5. Pingback: Erkenning van non-formeel leren in een MOOC | e...

  6. Hallo Robert,
    We gebruiken net iets andere termen, maar we zijn het zo te zien met elkaar eens (als de examens onder gecontroleerde omstandigheden zijn afgenomen, staat niets officiële erkenning in de weg).
    In het NL HBO zie ik dit desondanks niet gebeuren. Het lukt niet om MOOCs in de bestaande programma’s in te passen (inhoudelijk zou het prima bij de opleiding kunnen horen, maar een MOOC past gewoon niet in de op beroepstaken gebaseerde multidisciplinaire onderwijs modules die we nu hanteren). Als ik MOOCs zou willen gebruiken dan moeten we terug naar monddisciplinaire modules (georganiseerd rond “academische ” kennisdomeinen, niet georganiseerd rond praktijkgerichte beroepstaken).
    Eigenlijk best wel frustrerend, er zijn op het internet relevante gratis courses beschikbaar die didactisch schreeuwend mooi zijn, ik zou ze graag willen gebruiken, maar ik krijg ze niet ingepast.
    Twee voorbeelden ter inspiratie:
    1) Open learning intiative Statistics at CMU
    sign up and go to the course: Probability & Statistics.
    This is by far the best introductory statistics course I have ever seen: very well structured, excellent explanations and examples and lots of interactive exercises. I’am seriously considering to end my 15 year carrier as a statistics teacher. In future,I shall sent all my students to this site.
    (geen MOOC, wel een mooi voorbeeld van “traditionele” open courseware)
    2) een serie van drie Coursera MOOCs, Fundamentals of Computing
    Als je MOOCs wilt ontwikkelen voor mensen die net van de HAVO of VWO komen dan moet je het zo doen.

  7. Pingback: Erkenning van non-formeel leren in een MOOC | b...

  8. Pingback: SURF seminar MOOC: platformen en hergebruik | Open Education

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.